IT-projecten hebben geen beste reputatie. Er gaan sloten geld verloren aan slecht geplande, ondoordachte of beroerd uitgevoerde IT-ambities. Wij zetten enkele van de grootste vergissingen op een rij.
Ieder jaar reikt the
De IT-wereld heeft ook een rijke geschiedenis van projecten die een lach van ongeloof op het gezicht van mensen brengen als ze het horen - maar of het ze ook aan het denken zet, is de vraag. Dezelfde fouten worden keer op keer opnieuw gemaakt.
Volgens Mark Kozak-Holland, schrijver van het boek
*** UPDATE 20 oktober 2008 ***
Lezer Gerwin Postma wees ons subtiel op het ontbrekende UWV-debakel.
9 peperdure IT-blunders dus....

In 1956 begon een groep computerwetenschappers bij IBM aan de bouw van de snelste supercomputer ter wereld. Vijf jaar later was de IBM 7030, oftewel de Stretch, een feit. Het was de eerste supercomputer met transistors van het bedrijf en de computer werd geleverd aan het Los Alamos National Laboratory in 1961. De computer kon een half miljoen instructies per seconde verwerken en zou tot en met 1964 de snelste computer ter wereld blijven. Desalniettemin staat de 7030 te boek als een mislukking. Het doel was namelijk om een computer te bouwen die 100 keer sneller was dan het huidige systeem. De Stretch was slechts 30 tot 40 keer sneller, waardoor IBM geen 13,5 miljoen dollar kreeg voor het project, maar 7,8 miljoen dollar, terwijl het meer kostte om te maken. In totaal zijn er maar 9 exemplaren gebouwd. Toch had het project ook voordelen. De computer zelf mag dan een mislukking zijn geweest, door Stretch zijn er ontwikkelingen op gang gekomen rond pipelining, memory protection, memory interleaving en andere technologieën die belangrijk zijn geweest voor de ontwikkeling van de computerindustrie.

FoxMeyer Drugs was in 1993 de op drie na grootste distributeur van medicijnen in de Verenigde Staten. Het bedrijf, dat destijds vijf miljard dollar waard was, wilde zijn efficiëntie vergroten. Daardoor werd er een SAP-systeem aangekocht en een systeem om de bevoorrading te automatiseren. FoxMeyer huurde een bedrijf genaamd Andersen Consulting om de twee systemen in te bouwen en te integreren. Het project zou 35 miljoen dollar kosten. Drie jaar later was het bedrijf failliet en werd het verkocht aan een concurrent voor nog geen 80 miljoen dollar. De reden voor de mislukking: haast en overschatting. FoxMeyer stelde een onrealistische deadline en wilde dat het gehele systeem binnen 18 maanden zou draaien. Daarnaast voelde het personeel zich, met recht, bedreigd door het systeem, en werkten ze het project tegen door de gang van zaken te saboteren. Tot slot bleek het systeem ook nog eens minder efficiënt dan het systeem dat het moest vervangen. In 1994 verwerkte het SAP-systeem ongeveer 10 duizend bestellingen per nacht, in vergelijking met 420 duizend bestellingen bij het oude systeem. FoxMeyer beschuldigde Andersen en SAP ervan dat de bedrijven het project als trainingsproject hadden gebruikt en niet-ervaren mensen hadden ingezet.