Nieuws

Nog 10 Horrorverhalen uit de IT (deel 2)

  • Print
  • Aanbevelen
Gepubliceerd:29-06-2009 om 12:40 Auteur:Oliver Rist

Een geval van jezelf indekken wanneer het gaat om serverondersteuning, ingediend door de zeer populaire lezer “Anoniem”. Volgens meneer Anoniem hebben “we normaal gesproken in de weekenden een adminrotatie voor serverproblemen. Maar deze keer was er minder personeel omdat we zojuist twee technici in één week waren kwijtgeraakt. Beide waren van baan veranderd. Ik had een extern iemand kunnen bellen om ons in het weekend bij te staan, maar ik maakte er gewoon de tijd niet voor vrij en tegen vrijdag was het te kort dag.” Het lijkt erop dat de heer Anoniem plannen had voor het weekend, net als zijn laatst overgebleven technicus. Dus dacht hij, “wat maakt het ook uit, we hebben in maanden geen problemen gehad. Het gaat wel goed.”
Probleem:Nou, goed ging het dus niet. Eén van zijn executives ging vrijdag met vakantie. Hij wist genoeg om een automatisch bericht op zijn e-mail in te stellen en al die e-mails naar zijn privé-mailadres door te laten sturen. Volgens Anoniem was dit nog in de tijd van de 10MB e-mailopslaglimiet bij de meeste ISP’s, en de executive vergat dat zijn mailbox bijna vol was. De e-mails van vrijdag vulden al gauw zijn ISP-account tot de nok.
Zaterdagochtend stuurt de vader van de executive hem een e-mailbericht met een pikant grapje erin – inclusief expliciet taalgebruik. De e-mailsever van Anoniem verstuurt een mail met een foutmelding naar de privé ISP-account van de executive, compleet met een kopie van de originele mail. Die account is nu vol, dus deze stuurt op zijn beurt een foutmelding met daarbij ook een kopie van de e-mail. Boem, je zit in een e-mailloop. Heen en weer: “Ik kan je bericht niet bezorgen”.
De schijven van de mailserver van Anoniem raken daarna al gauw vol, maar noch hij, noch de andere technicus komen er bijtijds achter omdat ze allebei ergens anders lol aan het maken zijn. Tegen de tijd dat ze erachter komen is het zondagochtend vroeg, en moet Anoniem zijn weekend inkorten om helemaal terug naar kantoor te rijden en de boel op te lossen.
Gevolg: Het bedrijf schafte voor al zijn servers een beter pakket aan voor management op afstand en elimineerde de mogelijkheid voor gebruikers om hun eigen e-mail door te sturen. “In plaats daarvan geven we ze Webtoegang tot hun kantooraccounts.”
Moraal: Murphy is een gemenerik. Als hij de kans krijgt je te pakken te nemen, dan doet-ie het. Dus neem de tijd om jezelf in te dekken met het benodigde ondersteuningspersoneel. Het is niet zo dat er daarbuiten geen bekwame technici zijn die op zoek zijn naar werk – zelfs al is het part-time.
De heer Anoniem Jr., misschien wel een familielid van de heer Anoniem hierboven, stuurde het volgende in. “Ik werk bij een verzendbureau in Florida. We managen een vloot van een paar duizend vrachtwagens en bestelbussen met aparte afdelingen voor contractverplaatsing en pakketaflevering. Onze baas was in de jaren ’80 erg goed in het vooruitdenken en investeerde in het ontwerp van onze eigen asset management-applicatie. Als ik het me goed herinner was het hele ding geschreven in stukken REXX en C++ die ASCII naar elkaar toestuurden. Dit werkte geweldig zolang de programmeur bij ons werkte. Maar toen hij wegging om wat interessanters te doen, sloot de baas met hem een deal om het ding op afstand te ondersteunen. En toen begonnen de problemen.”
Probleem:Jammer genoeg voor Anoniem Jr. waren het geen grote problemen, gewoon zo nu en dan een storinkje van een half uur of een uur. Genoeg om de baas van Anoniem Jr. te laten klagen in de koffiekamer, maar nooit tijdens een budgetvergadering met zijn eigen baas.
Anoniem Jr. raakte gefrustreerd. “Naarmate onze technische expertise groeide, realiseerden we ons dat we meer mogelijkheden hadden – vooral tegen het einde van de jaren ’90, toen er zoveel andere, veiligere softwareplatforms waren die we hadden kunnen gebruiken.” Maar de opperbaas was eraan gewend geraakt op te scheppen over zijn superapplicatie die alles deed wat de applicaties van zijn vrienden ook konden, maar tegen een superlage investering die hij 10 jaar eerder al had afbetaald. Ieder verzoek om een overstap of upgrade werd afgewezen.
Toen Murphy eindelijk bij deze arme zielen langskwam, nam hij ze goed te pakken. Het was letterlijk een week voor kerstmis 1997. Beide afdelingen hadden het enorm druk.
“Ineens begaf de applicatie het – en flink. Zo flink zelfs dat we eerst dachten dat het om een hardwareprobleem ging. Maar dat bleek niet het geval en de serverkant van de applicatie wilde gewoon niet opnieuw opstarten.” Telefoontjes naar de programmeur werden door zijn antwoordapparaat beantwoord: hij bleek met vakantie te zijn en had niemand daarvan op de hoogte gebracht. Het bedrijf lag drie dagen stil voordat ze hem te pakken konden krijgen en daarna nog een dag voordat hij alles weer aan de gang kreeg. Ondertussen moest het hele bedrijf het doen met telefoons, faxen en haastig geupdate formulieren.
“We hebben een flink stuk winst verloren doordat sommige klanten daarna niet bij ons terugkwamen,” zegt Anoniem Jr.
Gevolg: “We kregen eindelijk toestemming om op een nieuw systeem over te stappen. Maar zelfs dat was een heel gedoe, omdat de data van de originele applicatie een vast formaat had. We moesten met de hand een conversieproces bouwen zodat we de data in de nieuwe applicatie konden importeren.”
Moraal: Over een slimme investering in technologie mag best worden opgeschept, maar maak het niet te bont, want Murphy komt je halen.

  • Print
  • Aanbevelen

Reageer

U kunt reageren op de laatste pagina van dit artikel.

Relevante persberichten

Nieuwsbrief

Ontvang tweemaal per week een overzicht van de meest recente artikelen op Computerworld.nl in uw mailbox